Neo-Zionisme en de Tenach: een gevaarlijk mengsel

Wat hebben religieus Zionisme en de Tenach, dat de verzameling boeken die christenen het Oude Testament noemen), met elkaar te maken? Is Zionisme eigenlijk wel religieus? Ik sprak laatst een Palestijnse vriend, en hij was vast van mening dat religie niet van belang is in het conflict. Hij woont in Tel Aviv, en in die context heeft hij wel een punt. De meeste joodse Israëliërs zijn niet religieus, en in Tel Aviv zijn religieuze joden al helemaal een minderheid. Het geweld van religieuze kolonisten in Hebron en de wrede aanvallen op Gaza geven een ander beeld: van een nationalistisch en fundamentalistisch religieus Zionisme dat er een ideologie op na houdt waarbinnen joden het uitverkoren volk zijn en Palestijnen verjaagd en zelfs gedood mogen worden. Daarnaast zijn er Zionistische christenen die Israel moreel, politiek en financieel steunen. Bovendien speelt ook in niet-religieus Zionisme de Tenach een belangrijke rol, namelijk als nationaal geschiedenisboek.

Ik wil daarom de rol van de Tenach in het Zionisme, en met name het religieuze neo-Zionisme, helderder maken. Welke ideeën over zichzelf en anderen hebben die fundamentalistische religieuze Zionisten die menen dat Palestina van hen is en dat er voor de Palestijnen geen plaats is? Welke rol speelt de Tenach daar in? Hoe zit dat het het fundamentalistische neo-Zionisme, dat vooral na 1967 naar de oppervlakte kwam?
Tot slot ga ik in op wat je tegenover zo’n interpretatie van heilige teksten kunt stellen die sommige mensen uitsluit en anderen alle rechten toedeelt, en geweld verheerlijkt – teksten die soms inderdaad exclusief en gewelddadig zijn, en in ieder geval blijk geven van een bepaalde ideologie. Tenslotte ben ik Oudtestamentica, en voel ik me als christelijk theoloog verbonden met die serie boeken. Daarnaast ben ik ervan overtuigd dat dit conflict de onderdrukte Palestijnen, en ook de onderdrukkers te gronde richt.

De opkomst van het Zionisme
In het 19e eeuwse Europa was het niet vanzelfsprekend om joods te zijn en te blijven: aan de ene kant was er de dreiging en ook realiteit van vervolging, aan de andere kant was er het gevaar dat joden zich volledig zouden aanpassen aan de hen omringende culturen, en zo zouden verdwijnen. Het Zionisme bood een antwoord op dat probleem: een eigen staat voor joden. Dat die gedachte opkwam was niet zo gek, het was de tijd dat het nationalisme bloeide: dat is het idee dat het handig is als iedere etnische identiteit (ieder volk) een eigen staat heeft. Theodoor Herzl opperde dat dit voor joden ook geldt, en dat was het begin van het Zionisme. In de ogen van veel Zionisten was Palestina het enige land waar het ideaal van een staat werkelijkheid kon worden (Uganda werd ook geopperd, maar dat mislukte)- want daar liggen de wortels van het jodendom. Daar doemde een probleem op, want er woonden al mensen in Palestina, toen onder Brits mandaat. Wat te doen? Binnen het Zionisme kreeg de visie dat de joodse staat exclusief joods moest worden de overhand. Helaas, want er waren ook andere krachten in het spel. Dus moesten de Palestijnen verdwijnen- je kunt lezen bij Ilan Pappe (De etnische zuivering van Palestina) wat er gebeurde in de oorlogen van 1948 en hoe de etnische zuivering nog steeds doorgaat.

Zionisme als een versie van joodse identiteit. 
Ik beschouw Zionisme als een opvatting over wat het betekent joods te zijn- iets waarover je heel verschillend kunt denken. Identiteit is hoe je jezelf omschrijft, en vooral ook de groep waartoe je behoort. Daar hoort ook een verhaal bij over waar je vandaan komt, en over wie er niet bij de groep hoort. Iemands identiteit bestaat uit allerlei onderdelen: godsdienstige, politieke, nationale, sexuele etc. En identiteit is altijd in beweging, het verandert met de tijd en met ervaringen die je opdoet. Zionisme verbindt joods-zijn aan een politiek programma. Joodse identiteit is toch al ingewikkeld, omdat het zowel een religieuze identiteit is (of kan zijn, want niet alle joden zijn religieus), als een identiteit die generatie op generatie wordt overgedragen- een etnische identiteit. Het zionisme claimt dat joden onderdeel zijn van een volk dat aanspraak kan doen op Palestina.

De Zionistische claim is problematisch, bijvoorbeeld omdat etnische identiteit problematisch is- zie bijvoorbeeld de discussies over wat Nederlanderschap is. Een definitie van het joodse volk is ook lastig te geven. Het is in ieder geval niet genetisch te bepalen, bijvoorbeeld gezien de bekering tot het Jodendom in de loop der eeuwen. Ik vind het verhelderend over joodse identiteit na te denken als een culturele, eventueel godsdienstige identiteit. Het betekent dat iemand zich verbonden voelt met het joodse volk en de geschiedenis van dat volk.
Je kunt het Palestijns- Israëlisch conflict bekijken als een botsing tussen twee identiteitsconstructies die verbonden zijn met hetzelfde land. Centraal is de vraag van wie het land is, en beide partijen beantwoorden die vraag met een beroep op geschiedenis, recht en godsdienst.

Het Zionistische verhaal 
Ook het Zionisme heeft een verhaal, een visie op de werkelijkheid en het verleden, nodig dat hun claim op het land ondersteunt. Dit verhaal stelt de immigratie van joden naar Palestina voor als een terugkeer van ballingen naar hun eigen land. Het onderstreept de continuïteit van joodse aanwezigheid in het land, en verzwijgt andere aspecten- bijvoorbeeld dat van Palestijnse binding met het land, of het feit dat Palestina altijd een mengeling van culturen en volken is geweest. Het land wordt voorgesteld als joods land, dat nagenoeg leeg en verwaarloosd lag in de perioden dat de joden ervan verbannen waren, tot hun terugkeer in de 19e en 20e eeuw. Onderliggende thema’s die voortdurend een rol spelen in het Zionistische verhaal zijn etnocentrisme- de overtuiging dat joden het uitverkoren volk zijn- en een mentaliteit van voortdurende dreiging, die te maken heeft met een lange geschiedenis van vervolging, met als dieptepunt de Holocaust. Deze ‘siege mentality’ brengt mensen ertoe de wereld in termen van zwart en wit in te delen, en weinig goeds te verwachten van mensen buiten de eigen groep.

Daarin speelt de Tenach een belangrijke rol, ook in het vroege Zionisme dat grotendeels niet religieus is. Voor niet-religieuze Zionisten is de Tenach het nationale geschiedenisboek, dat vertelt over de glorierijke dagen van koning David en de eerste joodse staat. Het functioneert als een belangrijke basis voor hedendaagse claims op het land (zie bijvoorbeeld de opgravingen van ‘de stad van David’ in Jeruzalem op grond waarvan Palestijnen uit hun huizen worden gezet). Een groep fundamentalistische religieuze Zionisten gaat veel verder in hun claims: zij zeggen dat God het land aan het joodse volk heeft gegeven, dat hij de hand heeft in de oprichting van de staat Israel, die al is voorzien door profeten, en dat Israel (de grenzen variëren) exclusief joods moet zijn. Palestijnen worden dan al gauw Filistijnen, die, zoals in de bijbel, verdreven en gedood mogen worden. Deze laatste visie won in 1967 met de verovering van Gaza en met name de Westoever (dat is het bijbelse Judea en Samaria) aan kracht. In de visie van neo-Zionisten was het geen verovering, maar een bevrijding. Kolonisten vestigden zich in de bezette gebieden en begonnen (illegale) nederzettingen. Vaak waren dat zeer religieuze Israëliërs, die de winst in de oorlog toeschreven aan de hand van God en de Westoever exclusief opeisten.

De rol van de Palestijnen in het Zionistische verhaal 
Palestijnen hebben een paradoxale rol in de Zionistische vertolking van de geschiedenis: zij zijn er eigenlijk niet- want ze zijn onderdeel van een stuk geschiedenis dat ingaat tegen de visie dat het land joods land is. Tegelijkertijd worde ze geromantiseerd en afgeschilderd als ‘nobele wilden’ (beelden die ook bekend zijn uit ons koloniaal verleden- waarin de bijbel ook een dubieuze rol speelde) die dicht bij het land staan en wiens cultuur lijkt op die vande Tenach. Op die manier wordt hun aanwezigheid tegelijk gedelegitimeerd: zij zijn geen modern volk, ze hebben het land niet in cultuur gebracht, maar aan haar lot overgelaten. Het zijn dan de joden die de woestijn tot bloei brengen. ‘Palestijnen’ bestaan niet in deze visie, ze zijn Arabieren, die net zo goed in Jordanie of Saoedie-Arabie kunnen gaan wonen.
Naar buiten toe presenteerde het Zionisme het beeld van het lege land- dat ook in de Tenach te vinden is: ‘a land without people for a people without land’.

Post-Zionisme en Neo-Zionisme
Twee tegengestelde krachten kwamen na 1967 aan het licht in de Israëlische samenleving. Het zijn beide minderheidsbewegingen, die de samenleving wel beïnvloeden. Ze komen voort uit het spanningsvolle gegeven van een joodse staat zonder vastgestelde grenzen, met een onderdrukte Palestijnse minderheid in het land, en een groep Palestijnen in bezet gebied erbuiten, die tóch democratisch wil zijn. Het fundamentalistische neo-Zionsme neemt afscheid van het democratische ideaal: de staat Israel, haar leger en bovenal het joodse volk heilig, het land, inclusief bezette gebieden, behoort exclusief toe aan het joodse volk. De veroveringen in 1967 worden geïnterpreteerd als een signaal dat God ‘Eretz Yisrael’ zal teruggeven. Het post-Zionisme aan de andere kant, een zeer kleine groep met name vertegenwoordigd in kringen van linkse intellectuelen, stelt de gedachte dat Israel een joodse staat moet zijn ter discussie en keert zich tegen de bezetting van de Palestijnse gebieden en de doorgaande etnische zuivering. Ook de wet op het recht op terugkeer staat ter discussie

Mythen in de Tenach 
Ik bespreek nu een paar clusters verhalen uit de Tenach, die het Zionisme beïnvloeden. Een soort spoedcursus Oude Testament dus, met speciale aandacht voor ideologie en exclusivisme (allerlei prachtige poëzie en inspirerende, vredelievende verhalen vallen buiten de boot- lees die een andere keer maar. Hooglied of zo.)
De Tenach bestaat uit tradities van verhalen, die soms redelijk onafhankelijk van elkaar functioneren, vaak met elkaar verweven zijn, soms op elkaar teruggrijpen, soms tegen elkaar ingaan. Dat heeft te maken met de ingewikkelde ontstaansgeschiedenis van al die boeken, en de ontwikkeling van het joodse volk en hun godsdienst over een periode van honderden jaren. Het begrip geschiedschrijving zoals wij dat nu kennen bestond toen nog niet, en bovendien presenteren die boeken zich als religieuze boeken. Ze bevatten verschillende perspectieven op God, volk, land en de relatie daartussen. Sommige perspectieven zijn inclusief, andere exclusief.

Uittocht uit Egypte en intocht in het land 
Genesis met het verhaal van de schepping, aartsvader Abraham e.d. sla ik even over, we beginnen bij de verhalen van de uittocht uit Egypte en de intocht in het land, beschreven in het boek Exodus (=Uittocht) en Jozua. Over de historiciteit van de uittocht van het onderdrukte volkje rond Mozes en hun veertig jaren in de woestijn kan ik weinig zinnigs zeggen- behalve dan dat deze mooie verhalen over bevrijding de indruk wekken dat ze meer boodschap dan verslag zijn.

Dan is er de intocht in het land- volgens het verhaal het land dat is beloofd aan aartsvader Abraham. Dit land, Kanaän, werd bewoond door allerlei stammen. Er zijn twee tradities over hoe de Israëlieten (als die naam van toepassing is) zich vestigden, de ene gewelddadig, beschreven in Jozua en vermoedelijk niet historisch, de ander is tussen de bedrijven door te lezen, en heeft grotere historische waarschijnlijkheid. Volgens de eerste variant ging het er bloedig aan toen. Het land moest exclusief gaan toebehoren aan de joden, en dus moest iedereen en alles wat daar tot dan toe woonde wijken. Beroemd is het verhaal van Jericho: mannen, vrouwen, kinderen, iedereen moest aan de vernietiging gewijd worden (met een uitzondering: de prostituee Rachab mocht in leven blijven.

De minder bekende alternatieve traditie, die je tussen de regels door aantreft, is dat de Israëlieten zich vestigden tussen de andere stammen- er waren nog geen grenzen of checkpoints tenslotte, en zich vreedzaam dan wel oorlog voerend om waterbronnen e.d. verhielden tot de andere stammen. Strijd en huwelijken met Filistijnse, Kanaanitsiche, Hittitische dames wisselden elkaar af. Die wederzijdse verrijking deed zich ook voor op godsdienstig gebied. (Geef je er rekenschap van dat in die tijd het jodendom zoals we het nu kennen nog niet bestond- geen tempel, geen monotheïsme, geen messiaanse verlangens etc. Het huidige (rabbijnse) jodendom begon zich na de verwoesting van de tempel in 70 te ontwikkelen).

Koning David: de eerste joodse staat (?)
Beroemd zijn de verhalen rondom Israel als koninkrijk, met de mythische koningen Salomo en vooral David als sleutelfiguren. Ook hier is historiciteit zeer problematisch- de ideologische claims rondom de opgraving in de zogenaamde stad van David in Jeruzalem ten spijt. Volgens het verhaal verenigden 12 stammen, die terug zouden gaan op de zonen van Jakob, zich rond één koning. Dat ging een tijd goed (volgens het verhaal ongeveer een eeuw), tot het rijkje in tweeën brak: vanaf toen was er een tienstammen rijk Israel met Samaria als hoofdstad en een tweestammen rijk Judah met Jeruzalem als hoofdstad. De tijd van het ‘grote Israel’, nu zo belangrijk in Zionistische claims, duurde dus maar heel even volgens de verhalen, en de historiciteit ervan is omstreden.
Het tweestammenrijk werd centraal in de bijbelse verhalen, het tienstammenrijk Israel ging volgens het verhaal op in de mist der geschiedenis nadat het werd veroverd door de Assyriërs in de achtste eeuw voor de jaartelling (een claim die ook niet vrij is van ideologie).

Ballingschap en terugkeer 
Ook het twee stammenrijk, Juda, kreeg te maken met vreemde overheersers. De Babyloniërs veroverden het land en hoofdstad Jeruzalem. Een deel van de inwoners deporteerden zij. Dat was een gebruikelijke en effectieve maatregel om veroverd gebied onder de duim te houden: de bovenlaag van de bevolking werd gedeporteerd, de rest was makkelijk te overheersen. Een deel van de naar Babel gedeporteerden besloot na een paar generaties terug te keren. Daar troffen ze degenen aan die niet waren weggevoerd, samen met en vermengd met de volken die door de Babyloniers die kant op waren gedeporteerd. Er ontstond strijd over wie nu het ware volk van God was. Dit is de oorsprong van de concepten van ballingschap en terugkeer, die zo belangrijk zijn in het Zionisme. De gedeporteerden beschouwden zich als teruggekeerde ballingen, die naar Gods wil een straf hadden ondergaan en nu gereinigd terugkeerden naar hun land. Zij beschouwden de achtergeblevenen als afvalligen, en hielden er het beeld op na dat het land leeg en vervallen was geraakt en lag te wachten op hun terugkeer. Het identiteitsconcept van veel teruggekeerde ballingen was dus exclusief: zij waren het ware volk (niet degenen die waren achtergebleven in Babel, ook niet degenen die ze aantroffen in het land), en moesten zich onder geen beding mengen met het volkje dat ze bij terugkeer aantroffen (zie de boeken Nehemia en Ezra). Je leest dat ook terug in profetieën in o.a. Jesaja en Jeremia: jullie zullen terugkeren naar het land dat God aan jullie vaderen heeft beloofd, en dan is alles peis en vree. En dat zijn nu precies de profetieën die religieuze Zionisten toepassen op de staat Israel.

Overeenkomsten tussen mythes uit de Tenach en uit het Zionisme
Politiek claims baseren op de Tenach is volgens mij onmogelijk. Het is geen geschiedenisboek, maar een religieus boek, niet vrij van ideologie. De verhalen die je erin vindt zijn niet neutraal opgeschreven, maar om bepaalde belangen te verdedigen- precies wat er in de politiek ook gebeurt. De bijbelse mythen sluiten zo mooi aan bij Zionistische, ten eerste omdat het Zionisme zich baseert op de Tenach, en concepten als ballingschap en terugkeer gebruikt, en ten tweede omdat er deels dezelfde soort belangen meespelen: het gaat om exclusivistische identiteitsconstructies die een claim leggen op een bepaalde identiteit en een stuk land.

Christelijk Zionisme
Voor veel Christenen is de visie dat Israel de vervulling is van Oudtestamentische profetieën aantrekkelijk- de bijbel heeft toch gelijk, God bestaat en is machtig. Veel christenen kunnen zo’n steuntje in de rug wel gebruiken. Bovendien kwam er na de Tweede Wereldoorlog en de verschrikkingen van de Holocaust kwam er binnen het christendom aandacht voor het levende Jodendom. Daarin speelt oprechte interesse een rol, en ook schuldgevoelens over de Holocaust. De joodse theoloog Braverman beargumenteert dat het die schuldgevoelens zijn die maken dat veel christenen geen oog hebben voor de misdaden van het Zionisme.
Tot slot is het ook echt zo dat sommige tradities in het Oude Testament exclusief zijn (het land is alleen voor de Israëlieten, andere volken moeten wijken) en daarin gewelddadig. Niet alle Christenen zijn bereid de tradities op dat punt te bekritiseren.

Hoe de religieuze Zionistische interpretatie te counteren?
Heeft dat zin? Bedenk ‘religion is a very touchy subject’. Je raakt namelijk aan dingen die voor je gesprekspartner van grote waarde zijn, en heel eng om los te laten. Degene gaat z’n heilshistorisch perspectief op de staat Israel niet snel opgeven, want daar heeft hij/zij zelf ook een veilig plekje in.

Gesprekken zijn meestal het meest zinvol als je een gemeenschappelijke grond kunt vinden. Misschien kan een soort minimum verwachtingen zijn dat jij een beetje beter leert hoe je gesprekspartner denkt, en dat er bij hem/haar ook wat luikjes opengaan. Dat zou ‘m er bijvoorbeeld in kunnen zitten dat je erop uit komt dat je internationaal recht als gemeenschappelijke basis vindt. Geef je gesprekspartner heldere, feitelijke informatie en informeer wat hij/zij daarvan vindt. Ok, stel dat hij/zij vindt dat God het land aan de joden heeft gegeven. Wat betekent dat voor de Palestijnse familie die daar al generaties woont? Vind je gesprekspartner werkelijk dat er in naam van God wetten overtreden mogen worden? Mensen gedood? Levens in de knel gebracht?

Breng in dat God toch een God van liefde is, voor wie ieder mens telt en gelijkwaardig is- dat is volgens mij wat er centraal staat in het christendom. Dat geldt voor joden en ook voor Palestijnen. Het kan toch niet zo zijn dat Gods trouw aan de ene mens de verdrijving of dood van de ander betekent?

Je kunt wijzen op profeten zoals Micha die rechtvaardigheid hoog in het vaandel dragen- rechtvaardigheid is sowieso een centraal bijbels begrip, zeker ook voor Jezus. Hoe zou rechtvaardigheid voor de Palestijnen eruit zien? Dan volgt waarschijnlijk een heel lang en ingewikkeld gesprek- maar ga het aan, vriendelijk en vasthoudend.
Christelijke Zionisten kun je wijzen op het bestaan van Palestijnse christenen, en op het Kairosdocument dat zij recentelijk naar buiten hebben gebracht: ze benoemen daarin de bezetting als een zonde.
Je kunt hen ook attent maken op allerlei joodse organisaties in Nederland, Israel en elders die zich inzetten voor een rechtvaardige vrede.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *